Heeft u bouwplannen, of wilt u iets veranderen in uw omgeving? Het is belangrijk uw omgeving hier goed bij te betrekken. In de Omgevingswet wordt dit participatie genoemd. Hieronder vindt u een aantal handige tips, een voorbeeldbrief en meer informatie over participatie. 

Wat houdt participatie in?

Participatie is een belangrijk thema in de Omgevingswet. De term betekent  ‘meedoen in de samenleving’. Participatie betrekt omwonenden bij vergunningen en plannen. Dit geldt voor iedereen: burgers, bedrijven en de overheid. Heeft u bouwplannen, bespreek die dan eerst met uw buren en andere betrokkenen in de buurt. Mocht er een vergunning nodig zijn, dan moet u ook aangeven of u uw omgeving hierbij heeft betrokken.

Impactmeter: wanneer is participatie verplicht?

In Scherpenzeel werken we met de Scherpenzeelse impactmeter. Door de meters in te vullen kunt u voor uzelf een beeld vormen van de aard en omvang van het initiatief. En wat het gevolg hiervan kan zijn op de omgeving. 

Geef per onderwerp een cijfer dat het beste bij het initiatief past. Tel de punten bij elkaar op. De uitkomst geeft een beeld of er veel of weinig participatie nodig is. 

Participatieroute 1: weinig impact

Uw plan heeft geen grote gevolgen voor uw buurt of omgeving. Wel is het goed om uw buren op tijd te informeren over uw (bouw)plannen. In de meeste gevallen is het goed om dit een maand vóór de werkzaamheden te doen of voordat u de aanvraag indient. Heeft u grote en ingrijpende bouwplannen? Als er bijvoorbeeld veel verandert, of als de bouwwerkzaamheden lang duren. Dan is eerder informeren altijd beter.

Denk vanuit uw buren

Daarnaast is het goed om tijdens en na de verbouwing uw buren goed op de hoogte te houden. Zo blijft u tijdens het hele proces in goed gesprek met elkaar.

Denk bij het informeren vooral uit het perspectief van uw buren. Wanneer gaan zij iets merken of overlast ervaren? Op welke momenten staat er bijvoorbeeld een afvalcontainer voor het huis, of op welke tijden verwacht u geluidsoverlast. Hoe meer u van tevoren kan laten weten, hoe prettiger voor iedereen.

Voorbeeldbrief

In deze voorbeeldbrief(externe link) ziet u hoe u uw buren kan informeren over uw bouwplannen. Bij goed contact met uw buren kunt u natuurlijk ook even bij hen langsgaan. Zo kan u vragen direct beantwoorden, zorgen wegnemen of uw plannen bijstellen.

Hoe groter uw bouwplannen, hoe belangrijker het goed informeren van uw buren is. Bijvoorbeeld ze vroegtijdig te informeren en door ontwerpen en bouwtekeningen mee te nemen of bij de brief toe te voegen.

Extra tips

  • Lijken uw bouwplannen op een verbouwing die uw buren eerder hebben gedaan? Vraag eens hoe zij het destijds hebben aangepakt. Dit kan veel tijd, geld en gedoe schelen.
  • Heeft de verbouwing impact op veel buurtbewoners? Met een whatsappgroep houdt u iedereen in 1 keer gemakkelijk op de hoogte.
  • Duurt uw verbouwing lang? Nodig uw buren een keer uit om te komen kijken naar de vorderingen. En natuurlijk wanneer het klaar is!
  • Is er langdurig overlast? Breng dan eens een aardigheidje naar de buren, zoals een bosje bloemen of een appeltaartje. Zo weten de buren dat u aan ze denkt.

Participatieroute 2: matige impact

U doorloopt route 2 als u een initiatief heeft met matige impact op de omgeving. Uw buurt gaat dus gevolgen merken van uw plan. We willen daarom dat u in overleg gaat met uw omgeving. Na afloop maakt u een verslag van deze participatie en dient dit in bij de gemeente, voorafgaand aan de officiele aanvraag. 

Hoe organiseert u de participatie?

Het is belangrijk dat u belanghebbenden informeert over uw initiatief. Hoe organiseert u dit participatieproces? 

Breng in kaart wie er iets van uw initiatief gaat merken en bedenk hoe het participatie-proces praktisch uitgevoerd kan worden. Dit kan op verschillende manieren. Bijvoorbeeld een gesprek met de buurman, of een informatiebijeenkomst voor de hele buurt. Het doel hiervan is om erachter te komen wat de omgeving van het initiatief vindt. En of er over onderdelen van het initiatief zorgen of wensen zijn. U kunt dan eventueel aanpassingen doen aan de hand van hun opmerkingen. Hierdoor wordt het initiatief beter en is er minder kans op klachten of bezwaren achteraf.

Wat te doen met de resultaten van participatie?

De resultaten van het participatieproces neemt u mee in de aanvraag van de omgevingsvergunning. U moet dan kunnen aantonen dat er participatie is toegepast en hoe je dat hebt gedaan. Dus: met wie heeft u gesproken, wat waren de reacties en wat heeft u er mee gedaan?

Hoe kan de gemeente u verder helpen?

De gemeente heeft voor participatie een stappenplan gemaakt. Er staan allerlei aandachtspunten in die belangrijk zijn om over na te denken. U mag het stappenplan gebruiken om de participatie rondom uw initiatief te regelen. De onderdelen zijn naar eigen inzicht te gebruiken.

Heeft u toch nog vragen? Neem dan contact op met de gemeente.

Participatieroute 3: veel impact

U doorloopt route 3 als u een initiatief heeft met veel gevolg voor de omgeving.  

Als u een initiatief heeft die hoort in route 3 ondersteunt de gemeente u. Denk daarbij aan toegang naar een adviseur binnen de gemeente voor vragen en advies. Ook kunt u gebruik maken van de intaketafel. 

Participatieverslag

U maakt eerst een participatieaanpak, deze is te vinden bij route 2. Het doel is om meningen te op te halen van belanghebbenden. Waar mogelijk biedt u hen de ruimte om mee te denken en mee te praten over uw initiatief. De informatie die u op heeft opgehaald legt u vast in het participatieverslag.

Deze uitkomsten bespreekt u aan de intaketafel en/of omgevingstafel van de gemeente. Hier krijgt u een advies voor het vervolg. Soms kan het voorkomen dat u het advies krijgt om uw plan te presenteren aan het college en/of de gemeenteraad. Daarna hoort u, of uw initiatief akkoord is.